Tobias en Judith bij Thé Tjong-Khing thuis.

Tobias en Judith bij Thé Tjong-Khing thuis

 

Thé Tjong-Khing is een heel bekende illustrator van kinderboeken. Hij heeft veel prijzen gewonnen.
We zijn nieuwsgierig naar hoe hij met zijn dyslexie omgaat.

 

Omdat wij (Tobias en Judith) zelf dyslectisch zijn, doen we het interview uiteraard met een laptop.

 

Thé Thjong-Khing komt uit Indonesië. Hij wilde zijn hele leven al tekenaar zijn. Hij was 23 jaar oud toen hij naar Nederland kwam, omdat hij wilde tekenen en in Indonesië kon je geen boeken verkopen, want daar was het land te arm voor.

 

Wanneer zijn dyslexie ontdekt is, weet hij niet.

Als hij iets voorleest aan zijn vrouw, leest hij heel langzaam en hij slaat alle komma’s en punten over, dus dan snapt zij er niet heel erg veel meer van.

Getest op dyslexie is hij niet, maar omdat hij er heel veel over gehoord heeft, is er bijna wel zeker van dat hij het heeft, want zijn problemen komen vrijwel overeen met de vormen van dyslexie.

Op school heeft hij er nooit last van gehad en haalde hij best goede cijfers, ook voor de talen zoals Engels.

Hij moet echt beginnen met lezen. En als hij ergens heen gaat moet die echt naar straatbordjes kijken.

 

Als hij een lange brief krijgt, leest hij die niet en legt hij de brief aan de kant. De rekeningen worden dan ook wel eens niet geopend. Later komt hij er achter dat hij die nog moet betalen. Dat kost je dan veel geld.

Om te gaan lezen moet hij iets overwinnen. Hij leest in zijn vrije tijd wel, maar dan houdt hij na 10 bladzijden op. Als kind las hij zo min mogelijk boeken.

 

Omslag Waar is de taart?De boeken van Thé Tjong-Khing zijn heel erg leuk, ook als je niet van lezen houdt. Je kan er echt heel lang naar kijken en je ontdekt telkens wel weer iets wat je nog niet gezien hebt.

Hij heeft 3 Gouden en 2 Zilveren Griffels gewonnen met zijn boeken.

‘Waar is de taart’ heeft hij zelf bedacht, omdat hij een boek wilde maken waarin je heen en weer kan bladeren om terug te kijken.

Als hij een mail typt, leest hij de mail eerst na om te kijken of er spelfouten zijn en dan haalt hij er in elke zin wel een paar uit. Meestal is het dan wel foutloos.

Het ergste van dyslexie vindt hij om zich er toe te zetten om te lezen en er echt voor te gaan moeten zitten.

 

Als hij bijvoorbeeld naar de stad fietst, let zijn vrouw op de straatnamen en weet ze ongeveer welke straat waar zit. Hij dus absoluut niet, hij ziet de naambordjes wel, maar leest ze niet.

Dus als iemand vraagt weet je waar die straat zit, weet zijn vrouw het en hij niet, dat is dus ook een vorm van dyslexie.

Wanneer hij gaat bedenken wat hij bij een boek moet tekenen, moet het helemaal stil zijn. En als hij het heeft, mag bijvoorbeeld de muziek weer aan en kan hij aan de slag met tekenen.

Juni 2008

Het Makkelijk Lezen Plein is
een initiatief van:



© ProBiblio; Makkelijk Lezen Plein 2011

naar boven